Wetten rond herinnering raken ons op verschillende en vaak controversiƫle manieren. Zij leggen soms strafrechtelijke sancties op aan uitlatingen of gedragingen die als beledigend voor de benarde situatie van nationale helden of tragische slachtoffers worden beschouwd. In die straffende vorm leggen deze wetten beperkingen op aan democratische vrijheid van meningsuiting, vereniging, media of wetenschappelijk onderzoek.
Toch reiken de wetten verder dan de grenzen van het strafrecht. Overal groeien kinderen op met het lezen van door de staat goedgekeurde teksten die niet alleen kennis, maar ook een interpretatie van de geschiedenis overbrengen. Overheden organiseren nationale herdenkingsceremonies of keuren de bouw van openbare monumenten goed. De grens tussen straf- en niet-strafrechtelijke wetten is nog lang niet duidelijk. Beslissingen over bijvoorbeeld de inhoud van schoolteksten vallen doorgaans buiten het strafrecht, maar in veel landen kunnen docenten die van mening verschillen over een voorgeschreven visie op het verleden, ontslagen of gestraft worden.




